verhuld-subjectiviteit-eksteen-ongekunsteld

Verhulde Subjectiviteit

In 1937 organiseerde de nazipartij in Duitsland de tentoonstelling Entartete Kunst. Kunst die werd beschouwd als ‘ontaard’ werd op een propagandistische manier getoond om het publiek te laten geloven dat er iets goed mis was met de kunstenaar. Wie de context van een tentoonstelling bepaalt, heeft macht. Erkennen musea dit vandaag de dag en gebruiken ze die macht ook? Willen we dat wel? Weten we dat eigenlijk wel?

Verhulde politiek

In Praag bezocht ik het Museum of Communism. De bordjes in de tentoonstellingen waren niet vrij van walging en verachting; er waren woorden als ‘wrong’, ‘bad’ en zelfs ‘idiot’ te lezen. In Tsjechië leven veel mensen die persoonlijk onder het Sovjet regime geleden hebben, dus de sentimenten zijn nog levendig. Het museum gebruikt zijn macht om niet-objectieve ideeën over het communisme te verspreiden.

De tentoonstelling Entartete Kunst vind ik erg eng. Dat lijkt te komen door de eenzijdige, subjectieve en foute kijk op kunst. Als ik het Museum of Communism vergelijk met de tentoonstelling Entartete Kunst moet ik toegeven dat ze qua subjectiviteit niet veel van elkaar verschillen, maar het Museum of Communism is helemaal niet eng. Komt dat doordat ik geloof dat het oké is om te vinden dat het Sovjetregime een ramp was, terwijl het heel gevaarlijk is om Nazi-idealen te accepteren? Het is nogal wat om te zeggen dat een museum best subjectief mag zijn, maar dan alleen als ik het met de politieke idealen eens ben.

Er is nog een verschil. De Entartete Kunst-tentoonstelling pretendeerde over kunst te gaan, maar in feite werden er politieke ideeën tentoongesteld. Zo werd de politieke aard van de tentoonstellingsmakers niet zo snel herkend en werd de kijker beïnvloed op een ander niveau dan bijvoorbeeld in het Museum of Communism, waar heel duidelijk was dat het museum politieke ideeën uitdroeg. Subjectiviteit maakt een museum niet gevaarlijk, maar verhulde subjectiviteit wel.

Wat Kafka bedoelde

In Praag bezocht ik ook het Franz Kafka Museum. Ik kreeg niet alleen informatie over wat Kafka geschreven had, maar ook tekstuele, audio-visuele en ruimtelijke interpretaties van zijn werk. Opvallend was dat de meeste van de interpretaties niet werden gepresenteerd als ‘een interpretatie van Kafka’, maar meer als ‘wat Kafka bedoelde’. De beelden en objecten misten zelfs een beschrijving, alsof Kafka ze zelf gemaakt had kunnen hebben. Het was fijn dat het museum probeerde me iets te vertellen over de inhoud van het werk, maar het moet toch duidelijk blijven dat het gaat om interpretaties. Hoe kan ik anders zelf nog interpreteren?

Art As Therapy

Dezelfde gedachte kwam in me op toen ik luisterde naar de lezing van Alain de Botton over Art as Therapy. De Botton is het niet eens met de manier waarop musea hun collecties tonen: met objectieve details en weinig informatie over interpretatie. “Would it ruin a Rothko to highlight for an audience the function that Rothko himself declared that he hoped his art would have: that of allowing the viewer a moment of communion around an echo of the suffering of our species?” Daar heeft hij een punt. De Botton wil musea laten vertellen wat de boodschap van een kunstwerk is en hoe het ‘therapeutisch’ gebruikt kan worden. Musea moeten worden wat kerken zijn geweest: plaatsen waar mensen betekenis vinden, die hen helpen hun emoties en gedachten te ordenen.

Toch ben ik skeptisch over De Bottons ideeën. Zodra naast een kunstwerk staat wat de functie of betekenis is, zullen veel mensen er niet meer op hun eigen manier naar kijken. Daarnaast vertelt het mensen zelfs dat een kunstwerk een functie heeft, terwijl velen het daar niet over eens zijn, al helemaal niet over welke functie dat dan precies is. Waarom moet een kunstwerk eigenlijk gereduceerd worden tot een, al dan niet therapeutische, functie? Dit mag je voor jezelf doen, maar is het nu nodig dat De Botton de slogan ‘Art Is Therapy’ op de gevel van het Rijksmuseum plaatst, alsof deze een objectieve waarheid verkondigt?

Kiezen voor een kijk

Het zou ideaal zijn als een museum alle verschillende ideeën over kunst kon presenteren, maar deze ideeën zijn oneindig en passen niet op de museummuren. Daarnaast kan de schikking, die ook bijdraagt aan de interpretatie van een werk, nou eenmaal maar op één manier tegelijk gebeuren. Moeten we dan proberen het museum in te richten op de minst subjectieve, maar toch nog waardevolle manier? Is dat dan de gebruikelijke manier van kunst sorteren in musea: per periode? De periode waaruit werken komen, is immers gewoonlijk niet omstreden. Maar door kunst te sorteren per periode impliceer je juist dat de beste manier om een kunstwerk te begrijpen is door het in een lineair tijdskader te plaatsen, en niet door het kunstwerk te vergelijken met andere werken met hetzelfde thema of doel.

Uiteindelijk zal een museum dus altijd moeten kiezen welk aspect van kunst het wil benadrukken. Dit is geen ramp. Zolang er verschillende musea en tentoonstellingen zijn, kunnen verschillende ideeën over kunst een plek hebben. Wat wel een probleem is, is dat veel mensen zich niet realiseren dat bij elke tentoonstelling een keus wordt gemaakt voor een bepaalde kijk op kunst. Het zou beter zijn als deze subjectieve kijk in de beschrijving van een tentoonstelling of zelfs in de naam van een museum werd benoemd.

The power of display

Er is een reden waarom dit niet gebeurt. In haar boek The Power of Display analyseert Mary Ann Staniszewski de geschiedenis van de tentoonstellingen in het Museum of Modern Art van New York. Volgens haar is de power of display van het museum behoorlijk genegeerd door kunsthistorici. De vormgeving van tentoonstellingen is vaak primair gericht op het beïnvloeden van de kijker, zodat het museum van hem kan profiteren. Het Museum of Modern Art is zich bewust van zijn macht en gebruikt die zeker. Zelfs de schijnbaar neutrale omgeving van witte muren in vele musea is deel van een strategie, die ervoor zorgt dat het publiek inderdaad gelooft dat het een neutrale omgeving is.

De (voor)waarde van subjectiviteit

Nu geloof ik niet dat het Museum of Modern Art vergelijkbaar is met het Museum of Communism of het Franz Kafka Museum als het gaat om de stiekeme beïnvloeding van het publiek. In de laatste twee is het immers overduidelijk dat ze niet objectief zijn, terwijl het Museum of Modern Art ons bewust misleidt. De verhulde subjectiviteit van het Museum of Modern Art is eng, een beetje op dezelfde manier als de tentoonstelling Entartete Kunst. Nu is het veel gevaarlijker als het gaat om politieke ideeën dan om ideeën over kunst, maar de misleiding is even groot. Een museum mag wat mij betreft best negatieve dingen zeggen over het communisme of over de democratie, of een kijk kiezen op hoe kunst geïnterpreteerd moet worden, als het maar duidelijk wordt dat het een dergelijke keus heeft gemaakt.

Musea hebben macht en de manier waarop ze die macht gebruiken kan erg misleidend en zelfs gevaarlijk zijn. Het museumpubliek en ook kunsthistorici zijn zich wat mij betreft hier niet genoeg van bewust. Misschien zorgt de nu opkomende krtiek voor een grotere variatie in manier van tentoonstellen. Als de vele verschillende waarden van kunst erkend worden, kan kunst door een nog veel breder publiek gewaardeerd worden dan nu. Zo brengt subjectiviteit vooruitgang.

Ontvang onze nieuwsbrief

Ben je het oneens met de schrijver of heb je een interessante toevoeging?

Schrijf je artikel!

Wees niet bang:
Je wordt goed begeleid door de eindredactie. Bovendien krijgt je artikel een visuele prikkel van onze beeldredactie.