Literatuur

Aftastend, verbindend en relativerend proberen we met elke literatuurrecensie dichter bij de onvaste literaire waarheden te komen. Proberen we steeds preciezer te duiden waarom en hoe een boek ons heeft ontroerd en veranderd.

Laten we onze verschillen vieren

Nederland als slavendrijver, als volhardende racist, als arrogante onderdrukker. Simon Bruinders schreef de roman ‘Dit is mijn land’, over het leven van zijn vader. Een bruine man in Zuid-Afrika in tijden van oorlog, openlijk racisme en verzet. Deze werkelijkheden liggen in ons nationale verleden, maar niet in een ver verleden: menige grote strijd om onafhankelijkheid werd in de Nederlandse koloniën nog geen vijftig jaar geleden uitgevochten. De erfenis is dan ook nog zeer aanwezig in de voormalige koloniën van Nederland en in Nederland zelf. (meer…)

Lachend naar het eind

Ik schrik wakker in een donkere kamer. Klam van het zweet, mijn nachthemd plakt aan mijn schouders. Waar ben ik? Ik word overvallen door een koude die door al mijn botten trekt en mijn hoofd gloeit van de koorts. Het ruikt naar urine en ik hoor geritsel. Mijn lege maag trekt samen in pogingen zich van zijn inhoud te ontdoen. Mijn gedachtegang is niet meer de mijne en loopt vast in een veelvoud aan gedachtespinsels. Plotseling wordt het stil in mijn hoofd. Het besef komt binnen: ik bevind me in een dodencel. (meer…)

Ik ga hier letterlijk kapot

Van Dale heeft kort geleden de definitie van het woord ‘letterlijk’ aangepast aan de praktijk. De oorspronkelijke definitie is: ‘precies zoals het er staat: iets letterlijk opvatten; iets letterlijk vertalen’. De toegevoegde definitie is: ‘geheel en al; volstrekt: letterlijk niets‘. Zo is het tegenovergestelde van ‘figuurlijk’ tevens een aanduiding van figuurlijk geworden.  (meer…)

Een volstrekt normaal mens

Het vergiftigen van een muis en daarna ook maar meteen alle klanten van de Turkse kebabzaak onder je appartement. De gehandicapte jongen bestelen die struikelde over zijn wankele benen en niet meer kon opstaan uit de sneeuw. Het besluipen van het huis van de minister van Volksgezondheid, omdat hij besluiten nam die slecht uitkomen voor je moeder. Dingen die iedereen weleens wil doen.
(meer…)

‘Over aanhalingstekens, tussen aanhalingstekens’

Maar, hoewel, toch, echter. De kanttekening lijkt met een minderwaardigheidscomplex te kampen. Het zal door dat woord ‘kant’ komen. Of het nu gaat over een voetbalveld of een dolle discotheek, met lieden langs de lijn heb ik altijd een beetje te doen. Dat complex heeft zijn weerslag ook op hetgeen aan die kanttekening onderhevig is. Wanneer je zegt: ‘Op deze straat staat een stoplicht, toch wil ik daar mijn kanttekeningen bij plaatsen’, weet je dat of de ‘straat’ of dat ‘stoplicht’ zijn bestaan niet zeker is. De ultieme manier om je twijfel te botvieren – op het woord, de zin of gedachte die op het punt staat uitgesproken te worden en bovendien elke maar, hoewel, toch of echter binnen de context van twijfel omvat – is het gebruik van het aanhalingsteken. (meer…)

Een zuigeling met grootheidswaan

Het wordt gezegd dat een boek zich in het hoofd van de lezer beeldend vormt. Dus net zoals bij het horen van een naam, waarbij zich vaak een hardnekkige associatie aandient die onmogelijk ongedaan gemaakt kan worden. Zo kan bijvoorbeeld ‘Barend’ het na het eerste handenschudden al nietsvermoedend hebben verpest. Hoewel dat principe bij het horen van een naam niet-aflatend opgaat, blijven die associaties – in mijn geval – tijdens het lezen van een boek negen van de tien keer uit. (meer…)