Voor het tweede interview van de interviewserie op Parkpop mochten wij de heren van Dry the River spreken. Het resultaat hiervan was een veelzijdig gesprek over drankgebruik, festivals en motorclubs.
Het stopte direct met regenen toen jullie begonnen met spelen, is dat niet ironisch?
“We zijn Dry the River. Dat is wat we doen. ‘It’s in the name’”
We besloten te vragen wat er nou precies in die naam zit. Het betekent vast iets anders dan we dachten.
“Waarschijnlijk wel, haha! Het is eigenlijk een term uit het verre westen van Amerika, uit Illinois, en het staat voor het échte feesten. ‘Drying the alcoholic river’, zogezegd. We weten niet wat er eerst kwam, de spreuk of de bandnaam, maar ze betekenen allebei precies hetzelfde.”
Hier waren we het mee eens, vooral gezien het laatste concert in de Melkweg, waar ze naar hun idee de “meest wilde avond ooit hebben gehad”. “We were drying the river pretty hard, there.”
Ook besloten we in te gaan op hun nieuwste album, Shallow Bed, en hoe het maken van zo’n album nou precies is.
“Alles ging eigenlijk precies volgens plan. We wisten sowieso niet echt wat we moesten verwachten, het was voor ons ook allemaal nieuw. In alle bands waar we in hebben gezeten hebben we nog nooit een album uitgebracht. Het veranderde wel de manier waarop shows gespeeld worden. De vorige paar jaar konden we iedere dag een gig geven, en nog steeds kende niemand de tekst. Maar nu mensen het album opnieuw en opnieuw kunnen beluisteren heb je steeds meer mensen die met de show mee gaan zingen. Dat maakt het des te leuker om dit te spelen. Het nodigt ons uit om nog harder te spelen.”
Nederland is een speciale plek voor ze. Ze stonden hier op Lowlands 2011, en nog voordat ze hun eerste album hadden uitgebracht, kon de hele zaal hun nummers meezingen. Wat maakt Nederland zo speciaal?
“We weten het niet, eigenlijk. Ik denk dat de mensen van 3FM ons gewoon graag mogen, en dat we daarom veel meer speeltijd krijgen. Dat helpt een hoop. We hebben al vaak in Nederland opgetreden, en het wordt steeds leuker.”
Hierna vroegen we door over het verschil tussen grote en kleine festivals, aangezien ze ook op festivals als Glastonbury, Reading en iTunes Festival hebben gespeeld.
“Eigenlijk behandel je ieder optreden als hetzelfde. We houden ervan om in kleine clubs op te treden, vooral vanwege de intimiteit. Maar hier is het heerlijk buiten. Het kan eindelijk eens ‘fucking loud’, zonder rekening te houden met restricties. In kleine clubs heb je dat zweterige en stinkende, het heeft allebei wat.”
Die harde muziek is ze niet onbekend. Bijna alle bandleden komen uit hardcore- of hardrockbands. Zou de overstap naar een folk-achtige band nou lastig zijn?
“Het is een tweeledig iets. Allereerst zijn er bij al die hardrock-shows bijna nooit meisjes. En als ze er zijn, dan zijn ze echt heel lelijk. Verder is de wisseling van stijl gewoon gekomen. We speelden al veel akoestische muziek, en daar wilden we ons eigenlijk bij houden. Het begon als puur-folk, maar we zitten er nu ergens tussenin. Folk voor de meisjes, hardrock voor de jongens. “
Die folkstijl, daar blijven ze mee zitten. Ze worden hierom ook vaak vergeleken met Mumford & Sons, naar ons idee doet ze dat te weinig eer aan. Wat vinden ze er zelf van?
“Toen we begonnen waren met de folkmuziek, werd er gekeken naar wat er in de rest van de scene gebeurde. Een grote naam op dat moment was Mumford & Sons, en onze naam bleef daar mee samen hangen. Sinds dat moment proberen we die mythe te ontkrachten, maar het is nog niet echt gelukt. ‘They don’t even have drums. What’s up with that’. Maar op hetzelfde moment is de vergelijking niet iets heel slechts. Ik bedoel, je kan niet ontkennen dat ze het best goed doen.”
Als laatste gingen we in op hun ambities voor de volgende jaren, en ze kwamen met een nogal onverwacht antwoord
“Het label zegt dat we langzaam aan het groeien zijn. We denken dat we gewoon niks verkopen, maar dat dat ooit wel komt. Als we ooit een ferrari kunnen kopen, dan zou dat wel mooi zijn. Of een Harley Davidson. We zitten er aan te denken om een bike-gang te maken, en dat we allemaal Harleys kopen, met leren Dry the River jassen. Haar in de wind. Ik bedoel: we hebben de baarden al.
‘Fuck the band, we’re going biking’.






